Terug
Gepubliceerd op 13/11/2025

2025_GR_00213 - Gemeentelijke activeringsheffing - Goedkeuring

Gemeenteraad
ma 10/11/2025 - 20:00 Raadzaal
Goedgekeurd
Dit besluit handelt over een Belastingreglement, type Kohierbelasting. Dit reglement treedt in werking op 01/01/2026 en eindigt op 31/12/2031
  • Relevante MAR code: 7371 - Niet-bebouwde gronden
  • Bijkomende aanslagvoet: Nee

Samenstelling

Aanwezig

Rob Blockx, burgemeester; Joke Segers, schepen; Alek Dom, schepen; Brent Jansen, schepen; Luc Bouwen, schepen; Erwin Cools, schepen; An Hermans, raadslid; Joannes Wijnen, raadslid; Benny Maes, raadslid; Gunther Hendrickx, raadslid; Gunter Spapen, raadslid; Gerda Segers, raadslid; Dorien Faes, raadslid; Sofie Smets, raadslid; Hilde De Laat, raadslid; Jef Nijs, raadslid; Lieven Van Baelen, raadslid; Anja Blockx, raadslid; Scott Verachtert, raadslid; Hilde Van der Vloedt, raadslid; Nick Aerts, raadslid; Chiel Jacobs, raadslid; Kris Wouters, algemeen directeur; Maud Vosters, voorzitter

Secretaris

Kris Wouters, algemeen directeur

Voorzitter

Maud Vosters, voorzitter

Stemming op het agendapunt

2025_GR_00213 - Gemeentelijke activeringsheffing - Goedkeuring

Aanwezig

Rob Blockx, Joke Segers, Alek Dom, Brent Jansen, Luc Bouwen, Erwin Cools, An Hermans, Joannes Wijnen, Benny Maes, Gunther Hendrickx, Gunter Spapen, Gerda Segers, Dorien Faes, Sofie Smets, Hilde De Laat, Jef Nijs, Lieven Van Baelen, Anja Blockx, Scott Verachtert, Hilde Van der Vloedt, Nick Aerts, Chiel Jacobs, Kris Wouters, Maud Vosters
Stemmen voor 15
Joke Segers, Luc Bouwen, Rob Blockx, Alek Dom, Gunther Hendrickx, Hilde De Laat, Lieven Van Baelen, Anja Blockx, Brent Jansen, Dorien Faes, Erwin Cools, Gerda Segers, Jef Nijs, Sofie Smets, Maud Vosters
Stemmen tegen 0
Onthoudingen 8
An Hermans, Benny Maes, Gunter Spapen, Hilde Van der Vloedt, Joannes Wijnen, Scott Verachtert, Nick Aerts, Chiel Jacobs
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2025_GR_00213 - Gemeentelijke activeringsheffing - Goedkeuring 2025_GR_00213 - Gemeentelijke activeringsheffing - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Het reglement gemeentelijke activeringsheffing van 12 december 2022 geldt tot en met aanslagjaar 2025. De gemeente wil ook de komende jaren een activeringsheffing heffen.

Het reglement wordt hernieuwd voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031. Deze periode stemt overeen met de verdere duurtijd van de huidige legislatuur met één extra jaar (2031) om de continuïteit te verzekeren.

Argumentatie

De gemeentelijke fiscale autonomie is verankerd in de Grondwet. Het verwerven van inkomsten via belastingen is noodzakelijk om de algemene uitgaven van de gemeente Arendonk te financieren. De financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven, rechtvaardigt een billijke financiële tussenkomst te vragen van alle belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente.

Het decreet grond- en pandenbeleid voorziet een activeringstoezicht en activeringsheffing. De gemeente acht het wenselijk om potentiële woonlocaties vrij te maken en om grondspeculatie tegen te gaan. Het is wenselijk om realiseerbare onbebouwde gronden en onbebouwde kavels te activeren in de gemeente. Een activeringsheffing laat de gemeente toe om de eigenaars van die gronden en kavels daartoe aan te sporen.

Het decreet grond- en pandenbeleid voorziet in art. 3.2.5. §1, 1° een minimale heffing van 12,50 euro per strekkende meter lengte van de bouwgrond of kavel palende aan de openbare weg en in 3° een minimale heffing van 125 euro per bouwgrond of kavel gekoppeld aan de evolutie van de ABEX-index. Het bedrag stemt overeen met de index van november 2008 (= 695). Het bedrag wordt jaarlijks op 1 januari aangepast aan het ABEX-indexcijfer van de maand november die aan de aanpassing voorafgaat.

Op deze wijze moest de minimale heffing op 1 januari 2023 18,06 euro per strekkende meter en minimaal 180,58 euro per bouwgrond of kavel moeten bedragen (ABEX-index november 2022 = 1400). Met het gemeenteraadsbesluit van 12 december 2022 werd het gemeentelijk tarief aangepast naar 19 euro per strekkende meter met een minimum van 190 euro meter per bouwgrond of kavel. De tarieven worden vanaf 2026 jaarlijks aangepast aan de evolutie van de ABEX-index.

Juridische grond

  • Grondwet, artikel 41, 162 en 170, §4
  • Decreet lokaal bestuur
  • Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen
  • Vlaamse Codex Wonen van 2021
  • Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021
  • Decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid, hierna afgekort als DGPB, inzonderheid artikel 2.2.5. en 3.2.5 tot en met 3.2.16
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2008 houdende bepaling van de nadere regels voor de opmaak, de actualisering en de financiering van het register van de onbebouwde percelen, inzonderheid de technische richtlijnen waarvan sprake in artikel 15

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Belastbaar feit

Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 heft de gemeente Arendonk een jaarlijkse gemeentebelasting, zijnde de activeringsheffing, op de onbebouwde bouwgronden en kavels die voorkomen in het gemeentelijk register van onbebouwde percelen.

Voor de toepassing van dit reglement worden de volgende begrippen gebruikt:

  1. bouwgronden: gronden, met uitsluiting van kavels, die palen aan een voldoende uitgeruste weg in de zin van artikel 4.3.5 VCRO en gelegen zijn in een woongebied of in een woonuitbreidingsgebied dat reeds voor bebouwing in aanmerking komt blijkens een principiële beslissing of op grond van artikel 5.6.6 VCRO
  2. kavels: de in een verkavelingsvergunning van een niet vervallen verkaveling afgebakende percelen
  3. onbebouwd: beantwoordend aan de criteria voor opname in het register van onbebouwde percelen, gesteld bij en krachtens artikel 5.6.1 VCRO
  4. register van onbebouwde percelen: het register, vermeld in artikel 5.6.1 VCRO
  5. sociale woonorganisatie: een organisatie, vermeld in artikel 2, §1, eerste lid, 26° Vlaamse Wooncode

De toestand op 1 januari van het aanslagjaar is bepalend voor deze belasting. De belasting is ondeelbaar verschuldigd voor het hele jaar. Wijzigingen in de loop van het aanslagjaar geven geen aanleiding tot belastingvermindering of teruggave.

Artikel 2

Belastingplichtige

§1. De belastingplichtige is de persoon die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van de bouwgrond of kavel. Indien er een vruchtgebruik, erfpacht of een recht van opstal bestaat, is de vruchtgebruiker, de erfpachter of opstalhouder de belastingplichtige.

§2. Als er meerdere belastingplichtigen zijn, wordt de belasting uitgesplitst volgens het aandeel van elke belastingplichtige in de eigendom. Elke (mede-)eigenaar, vruchtgebruiker, erfpachter of opstalhouder is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belasting.

§3. De overdrager van enig zakelijk recht moet per beveiligde zending een kopie van de notariële akte bezorgen aan de gemeente, binnen 2 maanden na het verlijden van de notariële akte. Deze kopie bevat minstens de volgende gegevens:

  • naam en adres van de verkrijger van het zakelijk recht en zijn eigendomsaandeel
  • datum van de akte, naam en standplaats van de notaris
  • nauwkeurige aanduiding van de overgedragen bouwgrond of kavel

Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht, in afwijking van §1, als belastingplichtige beschouwd voor de eerstvolgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.

Artikel 3

Tarief

De belasting bedraagt 19 euro per strekkende meter lengte van de bouwgrond of kavel palende aan de openbare weg. De minimale aanslag bedraagt 190 euro per bouwgrond of kavel.

Indien een perceel paalt aan twee of meer straten, zal de grootste perceellengte langs één van die straten als grondslag voor de belastingberekening in aanmerking genomen worden. Indien het een hoekperceel betreft, wordt de grootste van de rechte perceellengte in aanmerking genomen, vermeerderd met de helft van de afgesneden of afgeronde hoek.

De bedragen vermeld in dit reglement worden vanaf 2026 jaarlijks op 1 januari geïndexeerd op basis van de evolutie van de ABEX-index (2013 = 100). De bedragen worden vermenigvuldigd met een factor:

  • met in de teller de ABEX-index die van toepassing was in november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en
  • met in de noemer de ABEX-index die van toepassing was in november 2022. 

Het zo verkregen getal wordt afgerond naar het dichtste veelvoud van 10 cent als volgt:

  • het getal dat eindigt op 1, 2, 3 of 4 cent wordt afgerond naar beneden
  • het getal dat eindigt op 5, 6, 7, 8 of 9 cent wordt afgerond naar boven

Artikel 4

Vrijstellingen

§1. De belasting is niet verschuldigd door:

  1. de eigenaars van één enkele onbebouwde bouwgrond in woongebied of onbebouwde kavel, bij uitsluiting van enig ander onroerend goed gelegen in België of het buitenland. Deze vrijstelling geldt voor een periode van 5 jaar na verwerving van het belaste goed.
  2. de sociale woonorganisatie vermeld in artikel 2, § 1, eerste lid, 26°, van de Vlaamse Wooncode en de Intercommunale Ontwikkelingsmaatschappij voor de Kempen
  3. de houders van een in laatste administratieve aanleg verleende omgevingsvergunnning voor het verkavelen van gronden, wanneer de omgevingsvergunning geen werken omvat, en dit gedurende het jaar volgend op het jaar waarin de omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg werd verleend. Wanneer de verwezenlijking van de omgevingsvergunning in fasen wordt vergund, is deze bepaling mutatis mutandis op de delen van elke fase van toepassing.
  4. de houders van een in laatste administratieve aanleg verleende omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, wanneer de omgevingsvergunning werken omvat, en dit gedurende het jaar volgend op het jaar waarin het attest, vermeld in artikel 4.2.16, §2 VCRO werd afgegeven. Wanneer de verwezenlijking van de omgevingsvergunning in fasen wordt vergund, is deze bepaling mutatis mutandis op de delen van elke fase van toepassing.
  5. de ouders met kinderen ten laste, beperkt tot één onbebouwde bouwgrond of één onbebouwde kavel per kind ten laste. Deze vrijstelling geldt voor een periode van 5 jaar na verwerving van het belaste goed.
  6. bouwheren en verkavelaars, in zoverre zij overeenkomstig artikel 4.1.20, §1 DGPB een sociale last uitvoeren in natura, en op voorwaarde dat de deelattesten nummer 1, 2 en 3, vermeld in artikel 4.1.20, §3 tot en met §5 DGPB, worden verkregen.

§2. De belasting wordt niet geheven op bouwgronden en kavels die tijdens het aanslagjaar niet voor bebouwing kunnen worden bestemd:

  1. ingevolge hun inrichting als collectieve voorzieningen, met inbegrip van hun aanhorigheden
  2. ingevolge een bouwverbod of enige andere erfdienstbaarheid tot openbaar nut die woningbouw onmogelijk maakt

§3. Indien sommige mede-eigenaars krachtens de bovenstaande bepalingen zijn vrijgesteld, wordt de belasting enkel gevorderd van de niet-vrijgestelde mede-eigenaars, in verhouding tot hun aandeel in het belaste perceel.

Artikel 5

Aangifteprocedure

§1. De belastingplichtige moet jaarlijks ten laatste op 30 september van ieder aanslagjaar aangifte doen van zijn onbebouwde bouwgrond(en) of kavel(s) op het grondgebied van de gemeente. 

De aangifte moet de volgende gegevens vermelden:

  • naam, adres en rijksregisternummer of ondernemingsnummer van de belastingplichtige
  • belastbaar aandeel van de belastingplichtige (cf. artikel 2)
  • ligging van het perceel (straat en kadastrale gegevens)
  • aantal strekkende meter lengte (cf. artikel 3)
  • welke vrijstelling van toepassing is (cf. artikel 4)

De aangifte moet ingediend worden op één van volgende manieren:

  • op papier aan Gemeente Arendonk, t.a.v. dienst omgeving, Vrijheid 29, 2370 Arendonk
  • via e-mail aan omgeving@arendonk.be

§2. Op basis van eerder gekende gegevens, kan het gemeentebestuur aan de belastingplichtige een voorstel van aangifte bezorgen.

Als de gegevens op het voorstel van aangifte niet correct zijn en/of de belastingplichtige recht heeft op een vrijstelling, moet de belastingplichtige dat gecorrigeerd en ondertekend terugbezorgen aan de gemeente ten laatste op 30 september van het aanslagjaar. Het tijdig teruggezonden en gecorrigeerde voorstel van aangifte geldt in dat geval als aangifte.

Als alle gegevens op het voorstel van aangifte correct zijn en de belastingplichtige geen recht heeft op een vrijstelling, moet de belastingplichtige dat niet terugbezorgen. In dat geval is automatisch aan de aangifteplicht voldaan en wordt de belasting gevestigd op basis van de gegevens vermeld op het door de gemeente verstuurde voorstel van aangifte.

§3. Een belastingplichtige die geen voorstel van aangifte heeft ontvangen, moet zelf aangifte doen zoals bepaald in artikel 5 §1. Hij kan daartoe een aangifteformulier aanvragen via omgeving@arendonk.be.

§4. Bij betwisting is het de belastingplichtige die moet bewijzen dat de aangifte tijdig en correct werd ingediend.

Artikel 6

Wijze van inning

De belasting wordt ingevorderd met een kohier. De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.

Artikel 7

Bezwaarprocedure

De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan schriftelijk bezwaar indienen tegen de belastingaanslag of de belastingverhoging bij het college van burgemeester en schepenen, Vrijheid 29, 2370 Arendonk of via e-mail aan belastingen@arendonk.be. Het bezwaar moet ondertekend en gemotiveerd zijn. Als de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger uitgenodigd wil worden op een hoorzitting om zijn standpunt uiteen te zetten, moet hij dat in zijn bezwaarschrift vragen.

Het bezwaar moet op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden.

  • Als het aanslagbiljet op papier werd verstuurd: drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. 
  • Als het aanslagbiljet digitaal werd verstuurd: drie maanden te rekenen vanaf de dag dat het aanslagbiljet digitaal werd verstuurd. 

Bij betwisting is het de belastingschuldige die moet bewijzen dat het bezwaar tijdig werd ingediend.

Binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift stuurt de gemeente een schriftelijke ontvangstmelding.

Artikel 8

Inwerkingtreding

Dit reglement is van toepassing vanaf aanslagjaar 2026. Het reglement gemeentelijke activeringsheffing, goedgekeurd door de gemeenteraad op 12 december 2022 wordt vanaf aanslagjaar 2026 opgeheven en vervangen door dit reglement.

Artikel 9

Bekendmaking

Dit reglement wordt conform artikel 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur bekendgemaakt op de gemeentelijke website en bezorgd aan de toezichthoudende overheid.