De gemeenteraad beschikt over de volheid van bevoegdheid, bepaalt het beleid van de gemeente en stelt de gemeentelijke reglementen vast, waaronder de retributiereglementen. De gemeenteraad kan bij reglement bepaalde bevoegdheden toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen, ook wat retributies betreft. De gemeenteraad beslist over de machtiging tot de heffing van retributies en de voorwaarden ervan, maar kan de inningswijze en de vaststelling van het tarief aan het college van burgemeester en schepenen delegeren.
Door de delegatie van de vaststelling van retributies en tarieven kan vlotter gewerkt worden en sneller ingespeeld worden op veranderende omstandigheden. Het college van burgemeester en schepenen vergadert in principe wekelijks, de gemeenteraad in principe maandelijks en niet tijdens juli en augustus. Door het vaststellen van tarieven te delegeren, kan het college van burgemeester en schepenen sneller en efficiënter reageren op wijzigingen of nieuwe diensten. Het vermindert de werklast voor de gemeenteraad, waardoor deze zich kan concentreren op andere, belangrijkere beleidskwesties.
De gemeente organiseert tal van activiteiten, lezingen, cursussen, voorstellingen, optredens, tentoonstellingen … van kortlopende en/of occasionele aard. De kostprijs hiervan is vaak pas gekend bij de concrete uitwerking/programmatie. De retributie die daarvoor eventueel aangerekend wordt aan de deelnemers kan dus ook niet lang op voorhand concreet bepaald worden. Het is aangewezen deze bevoegdheid te delegeren naar het college van burgemeester en schepenen. Hetzelfde geldt voor de verkoop van dranken of andere consumpties, producten, benodigdheden … bij dergelijke activiteiten van kortlopende en/of occasionele aard.
Het verbruik van nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas en water) wordt aan de hand van meterstanden doorgefactureerd aan de verbruikers. Dat is o.a. zo bij het gebruik door derden van gebouwen, bij de huur van bepaalde zalen van het gemeenschapscentrum, organisatoren van bepaalde evenementen en manifestaties, circussen … De tarieven van de nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas en water) veranderen continu. Het is aangewezen om het college van burgemeester en schepenen te laten vaststellen aan welk tarief het verbruik wordt doorgerekend aan de gebruikers.
Decreet lokaal bestuur, inzonderheid artikel 40 en 41
De gemeenteraad geeft volledige delegatie aan het college van burgemeester en schepenen voor de bepaling van het tarief en de inningswijze van:
De retributie is verschuldigd door de natuurlijke persoon of rechtspersoon die de aanvraagt tot deelname indient, die het product aankoopt of die gebruik maakt van de dienstverlening.
Het college van burgemeester en schepenen houdt bij de vaststelling van het tarief rekening met het retributiebegrip zelf: een billijke vergoeding voor de kostprijs van de dienst of prestatie. Naast dit financieel aspect mag het college van burgemeester en schepenen in haar tarievenbeleid waar nodig ook rekening houden met toegankelijkheid en laagdrempeligheid.
Het college van burgemeester en schepenen kan, mits grondige motivering, kortingen en vrijstellingen toekennen. Een korting of vrijstelling moet steeds gebaseerd zijn op objectief vaststelbare criteria, zoals bv. de vrijetijdspas, het aantal deelnemers per gezin, sociaal statuut of leeftijd van de deelnemers, afnamehoeveelheden en abonnementsformules.
Het college van burgemeester en schepenen kan specifieke betalingsmodaliteiten, annulatievoorwaarden en terugbetalingsregels vastleggen.
De besluiten van het college van burgemeester en schepenen in het kader van deze delegatie worden als reglement conform artikel 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur bekendgemaakt op de gemeentelijke website en bezorgd aan de toezichthoudende overheid.
Dit reglement treedt in werking 5 dagen na de bekendmaking.
Dit reglement wordt conform artikel 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur bekendgemaakt op de gemeentelijke website en bezorgd aan de toezichthoudende overheid.