De Vlaamse regering pleit voor maximale kwaliteit van het gehele aanbod buitenschoolse opvang en activiteiten. De lokale besturen staan als regisseur in voor de erkenning en handhaving van het lokaal opvangaanbod, binnen een Vlaams kwaliteitskader.
Het lokaal bestuur moet opvangaanbod erkennen via een eigen erkenningskader. Dit kader werd vooraf besproken in de Werkgroep Buitenschoolse Opvang Arendonk (BOA).
Doel en toepassingsgebied
Dit erkenningsreglement stelt de kwaliteitseisen vast waaraan opvanginitiatieven in de gemeente Arendonk moeten voldoen om erkend te worden. De gemeente hecht waarde aan kwalitatieve, veilige, inclusieve en pedagogisch verantwoorde opvang voor alle kinderen.
De erkenning heeft als gevolg dat het opvanginitiatief fiscale attesten kan afleveren voor de opvang van kinderen jonger dan 12 jaar en een vakantieopvang-subsidie kan aanvragen.
Erkende jeugd-, cultuur- en sportverenigingen hoeven geen bijkomende lokale BOA-erkenning aan te vragen om fiscale attesten te mogen afleveren aan ouders. Hun sectorspecifieke erkenning volstaat hiervoor.
Indien deze verenigingen een bijkomend opvangaanbod willen organiseren en hiervoor een aanvullende BOA-subsidie wensen te ontvangen (bovenop hun bestaande sectorspecifieke subsidies), is een bijkomende erkenningsaanvraag niet vereist. De Vlaamse regelgeving bepaalt dat organisatoren die al erkend zijn via een lokaal erkenningsreglement, automatisch in aanmerking komen voor BOA-subsidies.
Wat wél vereist is, is dat de toegekende BOA-subsidie effectief wordt ingezet voor activiteiten die aansluiten bij de doelstellingen van het BOA-decreet* en het lokale BOA-beleid. Dit gebeurt via een specifiek subsidiereglement of via een BOA-impuls die geïntegreerd wordt in een bestaand subsidiereglement (bijvoorbeeld voor sportverenigingen). In dat subsidiereglement zal dan als voorwaarde opgenomen worden dat de vereniging een BOA-aanbod ontwikkelt dat inhoudelijk voldoet aan de BOA-criteria.
Volgende initiatieven komen niet in aanmerking voor een erkenning:
*Het decreet streeft drie belangrijke doelstellingen na:
We willen kinderen volop speelmogelijkheden en ontplooiingskansen bieden, met respect voor hun keuzevrijheid en recht op rust. Tegelijk ondersteunen we ouders in het vlot combineren van werk, opleiding en gezinsleven. Daarnaast zetten we in op een toegankelijk en betaalbaar aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten voor iedereen. Op die manier dragen we bij aan een harmonieuze samenleving waarin kinderen niet alleen plezier beleven, maar ook hun talenten maximaal kunnen ontwikkelen.
Voorwaarden
1. Organisatorisch beleid
Om erkend te worden, dient elk opvanginitiatief:
2. Pedagogisch beleid
Een erkend opvanginitiatief:
2.1. Werkt vanuit een duidelijke en onderbouwde pedagogische visie, afgestemd op de ontwikkeling van kinderen.
2.2. Heeft per initiatief een verantwoordelijke aangeduid die instaat voor de coördinatie en opvolging van de dagelijkse werking.
2.3. Gebruikt het Nederlands in alle interacties met kinderen, en zet in op kwaliteitsvolle communicatie.
3. Medewerkersbeleid
Een erkend initiatief:
3.1. Vraagt aan alle medewerkers een recent uittreksel uit het strafregister (model 2), dit moet 3-jaarlijks vernieuwd worden.
3.2. Stimuleert medewerkers tot professionalisering en bijscholing, en neemt actief deel aan overkoepelende vormingsinitiatieven georganiseerd door of in samenwerking met het lokaal bestuur of een derde kwalitatieve aanbieder.
3.3. Zet in op competentieontwikkeling in functie van opvang (pedagogische basisvaardigheden, EHBO, omgaan met diversiteit, enz.).
4. Toegankelijkheid
4.1. Elk kind mag deelnemen; lidmaatschap van een vereniging is geen vereiste.
4.2. Het vakantie-initiatief is toegankelijk voor iedereen, er wordt geen enkele vorm van discriminatie getolereerd.
4.2. De Vrijetijdspas wordt actief gepromoot via de eigen communicatiekanalen, met duidelijke vermelding van de kortingsregeling.
4.3. De vakantieopvang stelt zich de opvang tot hoofddoel en dit zonder enige winstuitkering of vermogensvoordeel. De financiële bijdrage van de deelnemers moet gezien worden in het kader van een zo groot mogelijke toegankelijkheid: deze kostprijs moet in elk geval onder de maximumprijs van het inkom gerelateerde tarief (IKT) liggen.
5. Monitoring en evaluatie
5.1. Er wordt minstens tweejaarlijks een ouderbevraging georganiseerd over de kwaliteit van de opvang.
5.2. Het lokaal bestuur behoudt zich het recht voor om op elk moment een kwaliteitscontrole ter plaatse uit te voeren.
5.3. Jaarlijks wordt een evaluatiedocument bezorgd aan het lokaal bestuur met:
6. Verbondenheid met het lokaal bestuur
6.1. De organisatie engageert zich tot deelname aan de Werkgroep Buitenschoolse Opvang en Activiteiten Arendonk (BOA).
7. Beroepsprocedure
Indien de organisator niet akkoord gaat met een beslissing inzake subsidie of erkenning, kan hij hiertegen beroep aantekenen. Het beroep dient schriftelijk en gemotiveerd te worden ingediend bij het college van burgemeester en schepenen binnen een termijn van 30 kalenderdagen na kennisgeving van de beslissing.
Aanvraag
Opvanginitiatieven kunnen een erkenning digitaal aanvragen via www.arendonk.be
Erkenning
Toezicht en handhaving
Wanneer uit eigen toezicht blijkt dat de veiligheid of gezondheid van kinderen mogelijk in het gedrang komt én het voor de BOA-regisseur onvoldoende is om te beslissen over de noodzaak van handhaving, zal het lokaal bestuur in tweede lijn zorginspectie kunnen verzoeken om een toezicht ter plaatse uit te voeren.
Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.
Dit reglement wordt conform artikel 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur bekendgemaakt op de gemeentelijke website en bezorgd aan de toezichthoudende overheid.